Portretten vóór de komst van de fotografie

Ik kreeg onlangs 2 oude fotografische reproducties van geschilderde 18de eeuwse portretten toegestuurd door Filip Raes (@raziraes). Het zijn portretten van zijn voorouders, Kempische boeren uit Hoogstraten. Ze zijn gemaakt door fotograaf Cramponi, deze was in de Rue du Trône 83 in Brussel werkzaam vanaf ca. 1908 tot na 1930. De reproducties dateren waarschijnlijk van ca. de jaren ’20. Verder in dit artikel vindt je meer over andere portrettechnieken zoals silhouetten en physionotrace.

Willem Van Pelt. © Stedelijk Museum Hoogstraten

Willem Van Pelt (1742-1820) 
© Stedelijk Museum Hoogstraten

Maria Keysers. © Stedelijk Museum Hoogstraten

Maria Keysers (1749-1834) 
© Stedelijk Museum Hoogstraten

De geportretteerden zijn bekend :

  • Maria Catharina KEYSERS (landbouwster, °30-11-1749, †21-11-1834, Hoogstraten)
  • Wilhelmus Franciscus VAN PELT (landbouwer, °30-09-1742, †07-05-1820, Hoogstraten)

Het is duidelijk dat de originele portretten dateren van het einde van de 18de eeuw, eventueel het begin van de 19de. Een mogelijke gelegenheid waarbij de portretten gemaakt zouden kunnen zijn was uiteraard hun huwelijk, dit moet omstreeks 1775 zijn, vermits hun eerste kind in 1776 geboren is. Het huwelijk is echter niet te vinden in Hoogstraten.

Dit was uiteraard de tijd vóór de fotografie, die pas begint in 1839. Vóór 1839 werden er ook portretten gemaakt die voor velen toegankelijk waren, het was zelfs heel populair.

Geschilderde portretten

Anna_Catharina Van_Pelt (1778-1872)

Anna Catharina Van Pelt (1778-1872). Begijntje, dochter van Willem en Maria Keysers. Portret uit 1808.
© Stedelijk Museum Hoogstraten

Geschilderde miniatuurportretten (Wikipedia) waren al populair bij de hogere klassen van in de 16de eeuw. Vanaf het midden van de 18de eeuw tot aan de komst van de fotografie genoten geschilderde portretten een ruime populariteit, hoewel portretschilderen in die tijd als minderwaardige kunst beschouwd werd. Portretten waren dan ook niet bedoeld om tentoongesteld te worden, zoals de in hoog aanzien staande historische taferelen. Portretten bleven vrijwel altijd in de privésfeer. Onder de klanten van de portretschilders bevonden zich niet alleen de rijkere burgerij en adel, maar ook eenvoudige mensen zoals een kamermeisje, een patissière en een kledingverkoopster, en, zoals op de portretten van de heer Raes, ook boeren.

Portretten waren dus toegankelijk voor iedereen, al zal prijs en kwaliteit wel sterk verschild hebben. Poseren of “zitten” was meestal enkel nodig voor het gezicht, kledij en pose werden op voorhand afgesproken. Zichtbare handen kostten meer, en zeker als daar ook voor geposeerd moest worden.

Vermoedelijk hadden de goedkoopste portretschilders enkele standaard sjablonen voor kledij en pose waaruit de klant kon kiezen. Sommigen hadden zelfs op voorhand gemaakte portrettypes, gezicht incluis, zodat een portret soms bijna op voorhand klaar was. Als we de hier getoonde portretten bekijken ziet het er wel naar uit dat ze snel en goedkoop gemaakt zijn, met hoofden die niet in de juiste verhouding staan tot het lichaam.

Silhouette

Silhouetteportret einde 18de eeuw ()

Silhouetteportret (bron:Wikipedia)

Silhouette toestel van Lavater

Silhouette toestel van Lavater. (uit Essai sur la physiognomonie, Johann Caspar Lavater, 1789)

De eenvoudigste en goedkoopste portretten waren silhouetten of schaduwprofielen (Wikipedia). Ze werden gemaakt door de schaduw van de zitter rechtstreeks over te tekenen. Het was dus een snelle en goedkope manier om portretten te maken die in de tweede helft van de 18e en het begin van de 19e eeuw heel populair was.

 

Physionotrace

Physionotrace (Bron: Wikipedia)

Physionotrace
(bron: Wikipedia)

De physionotrace (Wikipedia) was eigenlijk een verdere verfijning en mechanisering van het silhouetteportret. In 1783 vond  Gilles-Louis Chrétien het physionotrace toestel uit, waarmee snel nauwkeurige portretten te maken waren. Er werd geadverteerd met zittijden van enkele minuten. Er konden zelfs meerdere exemplaren tegelijk gemaakt worden. De bediener van het toestel tekende het profiel na door een soort vizier, het potlood was verbonden met een mechanische arm die het resultaat overbracht op papier. In tegenstelling tot het silhouette konden zo ook gemakkelijk de details worden ingetekend van het gezicht. Het resultaat kon zo gebruikt worden of verder worden ingekleurd en eventueel gegraveerd.

De physionotrace werd vooral gebruikt door Chrétien’s partner Quenedey, niet alleen in Parijs maar ook in Hamburg, Brussel en Gent, en ook door andere physionotracisten in Europa en de Verenigde Staten. De physionotrace was een stap dichter naar de perfecte weergave van de realiteit, die ultiem bereikt werd met de fotografie en die in contrast stond met de weergave van het “charactère” van de zitter, dat bij portretschilders belangrijker was dan perfecte fysieke gelijkenis. Nochtans zou die poging tot weergave van “charactère” ook in het begin van de fotografie heel belangrijk zijn voor fotografen die echt als artiest gezien wilden worden. Het is één van de redenen van de ernstige gezichten en stijve poses op die oudste foto’s.

Hebt u portretten van uw voorouders van vóór de fotografie? Laat het weten in een reactie onderaan dit artikel.

 

De heer Raes is overigens wel uitzonderlijk bedeeld met portretten van verre voorouders van eenvoudige komaf, deze zijn zelfs nog ouder:

Het maakt alleszins duidelijk dat het voor een genealoog de moeite kan lonen om in beeldbanken te gaan zoeken.

Bronnen

Inschrijven op deze blog

Blijf op de hoogte van nieuwe berichten, publicaties en lezingen.



2 reacties

  1. […] Charles is born on Thursday January 2, 1851 at 5pm in the first district of Geel. He is the third child for Casemirus and Joanna Catharina Angelina VERGOUWEN, both beer brewers in the 1840s and grocers from 1850 onwards. His elder two siblings are both girls: Maria Elisabetha (°1844) and Maria Theresia – or “aunt Trees” (°1847). On his father’s side, Charles is a direct descendant of the wealthy Knaeps cloth merchant family from Geel. Jean-Jacques MOORTGAT, mayor of Geel, was his uncle (married to Rosalia Knaeps, Casemirus’ sister). Charles’ mother is a descendant of the Vergouwen brewers family from Hoogstraten; her great-grandfather, Henricus VAN BEDAFF, was mayor of that city. On July 9, 1854, his father Casemirus dies at the age of 32; little Charles is only 3 years old then. In 1865, his mother returns, without Charles, to Hoogstraten to live with her mother, Maria Elisabeth VAN PELT (widow VERGOUWEN), in De Groote Straat, nr. 15. (For portraits of Charles’ great-grandparents Willem VAN PELT and Maria KEYSERS from the late 18th century, see the website of Peter Eyckerman, alias de Spoorzoeker.) […]

  2. […] silhouette-portret was namelijk één van de voorlopers van het fotografisch portret. Het was heel populair in de tweede helft van de 18e- en het begin van de […]

Schrijf hier uw mening of uw opmerkingen: