Bier, brood en pap – eten in de 17de eeuw in Zichem

Uit de graantelling van Zichem van 1693 kunnen we afleiden wat de mensen zoal aten: brood, pap en véél bier. De telling bevat alleen totale hoeveelheden voor de stad en het klooster, geen lijst van gezinnen, helaas voor de genealoog.

Boekweitpap

Boekweitpap (blossomofanewlife)

Wittekerke, tarwebier met haver

Wittekerke, tarwebier met haver

Roggebrood )

Roggebrood (weekendbakery.com)

large_haver

Geplette haver voor paarden

 

Bekijken we de tekst van de telling:

Volkstelling van Zichem van 1693, Rijksarchief Leuven.

Volkstelling van Zichem van 1693, RA Leuven.

Dan staat er geschreven:

voor een maent

Terwe, om te backen en(de) te brauwen _____ 102 halst(er)

Coren ____________________________ 774 halst(er)

Gerst, om te brauwen __________________ 206 halst(er)

Haver, voor de peerden en(de) om te brauwen _ 216 halst(er)

Boeckweijt, tot pap en(de) coecken _________ 60 halst(er)

Ende in het clooster

alhier, coren_______________________28 halst(er)

Tijdens het Ancien Régime in de meierij Zichem was 1 halster koren = 29,9896 liter en 1 halster haver = 35,44 liter (Familiegeschiedenis.be oude maten en gewichten).

Coren is hier zo goed als zeker rogge, gebruikt voor brood (zie Wikipedia Koren, geschiedenis Geel), het werd in grote hoeveelheden verbouwd. Roggebrood was dus het belangrijkste voedsel. Van tarwe werd ook brood gemaakt en van boekweit pap en koeken. Maar er werd dus heel wat afgebrouwen toen, zowel van tarwe, gerst als haver.

De Zichemnaars aten dus tarwe- en vooral roggebrood, boekweitpap en boekweitkoeken (we laten de groenten hier even buiten beschouwing), en daarbij dronken ze duidelijk bier, want er is veel ‘om te brauwen’.

Dat wordt bevestigd als we bekijken waarvan bier gemaakt wordt. Uit het boek Grote Belgische Bieren van Michael Jackson leren we dat gerst het best kan worden omgezet in bier, maar het minst geschikt is voor het bakken van brood, daarvoor zijn tarwe en rogge het best.

  • Gerst zorgt in bier voor een stevige afgeronde zoetheid.
  • Tarwe is ook een vast ingrediënt van verschillende klassieke biertypes, het geeft bier een dorstlessende wrangheid.
  • Haver wordt tegenwoordig eerder zelden gebruikt, het verleent een zijdeachtige, zachte volmondigheid. Het Wittekerke bier is volgens Jackson een goed hedendaags voorbeeld van een tarwebier dat haver bevat.

Tarwebieren zijn meestal witbieren, Vlaams-Brabant was dé streek van de tarwebieren.  De oorspronkelijk witbieren uit Hoegaarden blijken te zijn gebrouwen met gerst, tarwe en een kleine hoeveelheid haver. Zichem ligt in Vlaams Brabant, op ca. 30 km van Hoegaarden, er werden in de 17de eeuw dus duidelijk ook witbieren gebrouwen met haver door de plaatselijke boeren of brouwers. Zou het ook gesmaakt hebben zoals een Wittekerke of een Hoegaarden?

Hoeveel bier dronken ze dan?

Met behulp van wat internetopzoekingen en aan de hand van de hoeveelheid gerst uit de volkstelling kunnen we proberen een ruwe schatting te maken van de hoeveelheid bier die daarvan gemaakt kon worden. De berekening zal heel wat aannames en afrondingen bevatten, dus het is ten hoogste een indicatie.

Op verschillende plaatsen op internet vind je dat je van 1kg gerst 6 liter bier kan maken (o.a. Wikipedia Gerst). Op de website van Bavik werd gesproken van 0,250 kg gerst om 1 liter bier van 5° te brouwen, dat is dus 4 liter bier voor 1kg gerst. Aangezien wordt aangenomen dat bier vroeger een lager alcoholgehalte had dan nu ga ik hier uit van 6 liter bier per kg.

  • Eerst moeten we de halsters omzetten naar kg. Als we 30 liter aannemen voor een halster dan werd er in 1693 6180 liter gerst geoogst
  • Gerst heeft een soortelijke massa van 71 kg/hl (zie debinnenvaart.nl), 1 liter weegt dus 710 gr.
  • Dat maakt afgerond 4388 kg gerst
  • Vermenigvuldigd met 6 liter komen we dan aan 26328 liter bier.

Volgens de volkstelling van 1693 waren er 125 gezinnen in Zichem, aan een gemiddelde gezinsgrootte van 5,5 zijn dat 687 personen. Deze gezinsgrootte is berekend uit de gezinnen binnen en buiten de stad in de volkstelling van Zichem van 1702, 9 jaar later. Binnen de stad is het 4,4, buiten de stad is het gemiddelde 6,7.  Dat is dan goed voor  ca. 38 liter bier per persoon, per maand (de hoeveelheden in de telling zijn “voor een maent”). Dus dat geeft jaarlijks mogelijk 456 liter bier per persoon!

In Nederland wordt in die periode uitgegaan van 280 l per persoon per jaar (Eten en drinken in de Gouden Eeuw). De grootteorde van onze schatting komt dus wel overeen, maar de Belgen, alleszins de Zichemnaars, zijn duidelijk de grootste bierdrinkers.

De huidige bierconsumptie in België is trouwens slechts 78 liter per persoon per jaar… (Wikipedia – Bierconsumptie per inwoner)

Aanvullingen, betere schattingen, reacties? Laat het hieronder weten.

 

Inschrijven op deze blog

Blijf op de hoogte van nieuwe berichten, publicaties en lezingen.



Schrijf hier uw mening of uw opmerkingen: